Het sacrament van de ziekenzalving
In de Schrift
In de brief van de apostel Jakobus staat: “Is iemand onder u ziek? Laat hij de presyters van de gemeente roepen; zij moeten een gebed over hem uitspreken en hem met olie zalven in de naam des Heren. En het gelovige gebed zal de zieke redden en de Heer zal hem oprichten. En als hij zonden heeft begaan, zal het hem vergeven worden” Jak. 5,14-S). De praktijk van de ziekenza
lving is zo oud als de christelijke gemeenschap zelf en gaat ongetwijfeld terug op de wijze waarop Jezus met de zieken omging, hen aanraakte en hen de handen oplegde.
In de liturgie
Dikwijls wordt de liturgie -van de ziekenzalving gevierd in de kamer van de zieke, samen met de naaste verwanten, en in enige mate aangepast aan de omstandigheden. De priester opent de viering met een besprenkeling van de zieke met wijwater, ter herinnering aan de doop waarin wij één zijn geworden met Christus: Zijn leven, lijden, dood en verrijzenis. Als dat mogelijk is, wordt het sacrament van Boete en Verzoening -ontvangen of wordt de schuldbelijdenis gebeden. Er wordt gebeden en uit de Schrift gelezen. Daarna legt de priester de handen op het hoofd van de zieke en bidden allen in stilte. Vervolgens zalft de priester hoofd en handen van de zieke en bidt; “Moge de Heer door deze heilige zalving en door zijn liefdevolle
bramhartigheid u bijstaan met de genade van zijn Heilige Geest. Moge Hij u van zonden bevrijden, u heil en verlichting schenken.” Na het Gebed des Heren wordt zo mogelijk aan de zieke de Communie uitgereikt. De plechtigheid wordt besloten met de zegen.
In veel parochies en zorginstellingen vinden gemeenschappelijke (Eucharistie) vieringen plaats waarbij het sacrament wordt uitgereikt aan meerdre zieken en ouderen tegelijk.
De betekenis
Vroeger werd de ziekenzalving vaak uitgesteld tot het moment van steven. Men noemde het wel: het laatste oliesel. Had men dit ontvangen, dan kon men verzoend met God en mensen vredig heengaan.
Het Tweede Vaticaans Concilie heeft echter de oorspronkelijke betekenis van de handoplegging en zalving weer in herinnering geroepen. Het is bedoeld tot kracht en bemoediging en – zo mogelijk – tot genezing van de zieke. Natuurlik is het niet bedoeld voor iemand die een griepje heeft waarvan met herstel eenvoudig zal zijn. Het gaat om mensen die lijden onder kwalen, ook van de ouderdom, en van wie het leven of de gezondheid broos is geworden. Hen wil de Heer nabij zijn in dit sacrament. De ziekenzalving kan eventueel opnieuw ontvangen worden, met name wanneer de situatie van de zieke ernstiger wordt. Heeft men de zalving reeds ontvangen, dan is het in stervensgevaar belangrijker dat de zieke nog de Communie ontvangt (Viaticum) als reisvoedsel op de uittocht uit dit leven, op weg naar God.
Niet alleen voor de zieke zelf, maar ook voor de mense om hem of haar heen kan de viering van dit sacrament grote betekenis hebben. Zij weten zich één in het verdriet, de zorg en de machteloosheid van de situatie. Het gezamenlijk gebed en de rituelen kunnen dan troost en verlichting schenken. Soms worden er nog kostbare woorden gesproken, soms gebeuren er bijzondere dingen Een oude moeder die in coma leek, deed nog even haar ogen open toen ze was gezalfd. Eén voor één konden de kinderen afscheid nemen. Er was herkenning, tot zij voorgoed haar ogen sloot.
Haar zoon stamelde: Pastoor, u heeft wonderolie….
Vicaris drs. J.G.M. Pauw
bisschoppelijk vicaris van het vicariaat Arnhem
en voor Jeugd & Jongeren en Catechese


