Stroomuitval in de Basiliek!


Een moment als dit blijft hangen — niet omdat alles vlekkeloos verliep, maar juist omdat het onverwachte ons terugbracht naar de kern van de viering.
Toen op zondagmorgen in Tubbergen de stroom uitviel, werd de basiliek plotseling stil. Geen verlichting, geen microfoons, geen vertrouwde klank van techniek die de ruimte draagt.
Alleen mensen, stilte en verwachting.
In die stilte gebeurde iets dat ons herinnert aan wat liturgie werkelijk is: een ontmoeting die niet afhankelijk is van systemen, maar van aanwezigheid.
Pastoor Hermens koos niet voor uitstel, maar voor eenvoud.
Door op de preekstoel te klimmen, verbond hij het heden met het verleden.
Het was alsof de eeuwenoude stem van de kerk even hoorbaar werd:
de verkondiging die niet versterkt wordt door luidsprekers, maar door overtuiging.
De gemeenschap luisterde niet naar een installatie, maar naar een mens die het Woord draagt.
In dat moment werd zichtbaar hoe kwetsbaar én krachtig een viering kan zijn.
Kwetsbaar, omdat techniek ons soms in de steek laat.
Krachtig, omdat geloofsgemeenschap en verkondiging daar niet van afhankelijk zijn.
De stilte werd geen hinder, maar een ruimte waarin aandacht kon groeien.
De stem van de pastoor werd geen noodoplossing, maar een teken van veerkracht.
Misschien was dit wel een herinnering dat de kern van de liturgie altijd eenvoudig is:
mensen die samenkomen, luisteren, vieren en zich laten raken.
Soms helpt techniek daarbij. Soms valt die weg.
Maar het Woord vindt altijd zijn weg — desnoods via een preekstoel die al generaties lang wacht op precies zo’n moment.




